Shunt Regulator    24V to125A maxi for direct AD/DC low voltage high current generators.  NL

  130x60x35mm

REGULATEUR de TENSION pour 24V générateurs alternateurs ou dynamos de puissance à courant continu. L'appareil et livré avec notice de branchement et d' utilisation en français. Contactez nous pour plus de détails.

 


12/24 VOLT GELIJKSTROOMSPANNINGSREGELAAR VOOR ALTERNATOREN EN DYNAMO’S

Deze shunt regulator geeft de mogelijkheden om AFZONDERLIJK de MAXIMUM LAADSTROOM en de MAXIMUM LAADSPANNING af te stellen. Gewoonlijk wordt een defect aan een gelijkstroomgenerator (dynamo of wisselstroom alternator) veroorzaakt doordat de stroom niet begrensd kan worden. Hierdoor wordt de generator bij o.a hoog toerental overbelast. Bovendien verkort een te hoge laadstroom en eind-laadspanning aanzienlijk de levensduur van de accu’s.

Monteer de regulator in de positief (+) dikke kabel die van de generator + naar de accu + gaat via een ampèremeter op de punten G+ en A+.
Kies een plaats die niet te warm wordt. Niet bij de uitlaatpijp of op de motor! Forceer niet op de twee messing aansluitbouten. Deze moeten vastgedraaid worden totdat de veerring plat is. Niet verder. Gebruik nieuwe kabelschoenen met een gatdiameter van 6mm.

1- Sluit de negatief (-) aan op het punt - met een dunne kabel. (1,5²). Hierdoor loopt 0,2 A maximum.
2- Sluit het veld van de generator aan op het punt F met een kabel van voldoende sectie. De andere kant van het veld is aan de negatief verbonden op of in de generator. Hierdoor loopt de maximum veldstroom 2 tot 6 Ampère, afhankelijk van de generator.
3- Het punt U is het meetpunt voor de spanningsbegrenzing (dun, 0,3mA). Het beste is wanneer deze direct op de accu + wordt aangesloten. De te regelen spanning wordt dan direct op de juiste plaats gemeten. Dit is van belang wanneer b.v. de positief leidingen te dun zijn om de laadstroom zonder spanningsverlies door te voeren.
Op het laatst: Sluit het Contact, de stroom die de generator/regulator in bedrijf stelt, aan op punt K. Deze wordt dan aan- en uitgeschakeld samen met de Motor. Door deze kabel loopt de totale veld- en regulatorstroom (35mA).

De maximum stroom kan worden afgesteld op de gewenste waarde met behulp van de stroomafstelling potentiometer (A van Ampère). Als deze potentiometer (A) helemaal naar rechts wordt gedraaid wordt maximum geladen, zonder stroomregeling; bij helemaal naar links wordt er geen stroom geladen. Het verstellen van de stroom potentiometer (A) is alleen mogelijk wanneer men de ampèremeter goed in zicht heeft en wanneer de Motor snel genoeg draait om de generator te laten laden. De stroom moet worden afgesteld in het begin van de laadcyclus, dus alvorens de spanningsbegrenzing actief is, dus met lege of bijna lege accu’s. Om interactie van de spanningsbegrenzing te voorkomen tijdens het afstellen van de stroom, draait u de spanningsafstelling (V) helemaal naar rechts (deze is dan uitgeschakeld) en verdraait u de stroompotentiometer heel langzaam tot de ampèremeter de gewenste waarde van de laadstroom aangeeft.
Verfijn de afstelling door de generator van toeren te laten veranderen. Om zeker te zijn van een effectieve stroomregeling moet de stroompotentiometer (A)  zich in het regelgebied bevinden. Niet te ver naar rechts of naar links maar wel ergens tussen de minimum en maximum laadstroom en op een positie waar de ampèremeter direct reageert op verdraaien ervan.

De spanningsregeling begrenst ook de stroom die geladen wordt wanneer de afgestelde, maximum gewenste accuspanning bereikt wordt. Indien noodzakelijk, kan de eindlaadspanning op een andere waarde worden afgesteld met de spanningsafstelling potentiometer (V). Dit moet met een goed zicht op de ampèremeter en natuurlijk de voltmeter gebeuren EN op het eind van de laadcyclus, wanneer de accu’s “vol” zijn.

Plaats altijd een zware zekering tussen de generator + een accu +. De zwakke schakels van een wisselstroomgenerator zijn de ingebouwde dioden. Een net te zware zekering voorkomt dat de stator wikkeling doorbrandt bij defecte diode(n). De regulator werkt in puls breedte regeling nagenoeg zonder verlies. De reactietijd van de regulator kan beïnvloed worden en oscillaties veroorzaken door o.a. te lange of te dunne draden, in extreme gevallen door de karakteristieken van de generator. Deze oscillaties zijn te onderdrukken met afstelpotentiometer (T).
Deze beïnvloedt tevens de stroomregeling. Wanneer potentiometer (T) wordt verdraaid, moet daarom de laadstroom opnieuw worden afgesteld met A. T is reeds afgesteld en bevindt zich normaliter op een middenpositie voor gebruikelijke laadstroomwaarden tot 100A. Afstelling van potentiometer (T) is ook nuttig wanneer men de regulator gebruikt voor zeer lage of hoge laadstroom. Voor zeer lage stroom (1 - 10 A) moet hij meer naar rechts verdraaid worden en voor zeer hoge laadstroom (> 100A) meer naar links.

De twee Ledjes, rood en groen, geven traploos de laadtoestand aan. Alleen rood licht geeft aan dat de regulator onder spanning staat of dat de eindlaadspanning is bereikt. Alleen groen licht geeft de maximum laadstroom van de generator aan zonder of met nauwelijks stroombegrenzing. De twee samen geven alle variaties aan tussen begin- en eindlading.
De stroom is reeds afgesteld op ±30A en de eindlaadspanning op ±28.5 Volt. De regulator zekering meet 8A middeltraag.

Previous           home           mail